01 — MUZIEK
MUZIEK
Eigen nummers, songteksten en liveopnames, ook nummers in een vroeg stadium die nog niet geproduceerd zijn.
DE VOLLEDIGE SET · NUMMERS VOOR HET ALBUM “DE VIDAS Y MUERTES”
HET VERHAAL
ELK LIED IS EEN VERHAAL.
De woorden dragen het. De muziek ook. Alleen werkt geen van beide. Hier volledig, in het Spaans. Nederlandse vertaling eronder.
SONGTEKSTEN
- 01
Libertad
Fui brasa viva en la oscuridad, Chispa que quiso brotar. Tantas noches que pasé soñando un nuevo lugar. Cruzo este incierto umbral sin saber a dónde irá. Ahora un incendio soy, dejando mi sombra en llamas. Canto en libertad. Convivo con las cenizas y el humo que me cubrió. Fui más impulso que voz, fui fuego que no quemó. Falto de respiración. Hoy me entrego al viento, aunque me haga vacilar. Si mi llama tiembla, me sostengo. Elijo arder más.Ik was een gloeiende sintel in het donker, een vonk die naar buiten wilde breken. Zoveel nachten bracht ik door dromend van een andere plek. Ik ga over deze onzekere drempel zonder te weten waar hij heen zal leiden. Nu ben ik een laaiend vuur, mijn schaduw achterlatend in vlammen. Ik zing in vrijheid. Ik leef tussen de as en de rook die mij bedekte. Ik was meer aandrift dan stem, ik was vuur dat niet kon branden, zonder adem. Vandaag geef ik mij over aan de wind, ook al brengt hij mij aan het wankelen. Als mijn vlam begint te beven, houd ik stand. ik kies ervoor feller te branden. - 02
Soy una puerta
Soy una puerta abierta. Entra la luz y me embriaga de belleza. Porque yo soy una puerta siempre abierta. Entra la luz y me embriaga de belleza. Entran mil aves de colores, y las cuido pa' que permanezcan. Entra el viento y derriba lo construido. Entran los lobos temidos, y me dejo devorar. Pero entonces recuerdo que soy solo una puerta: que no tengo "adentro". Que mi belleza apenas refleja lo que me rodea. Que a las aves no tengo como cuidar. Que el viento nos revuelve a todos por igual. Que los lobos, tan pronto entran, se van. Soy una puerta abierta. Soy una puerta abierta. Pero yo soy solo una puerta abierta. Soy una puerta abierta.Ik ben een open deur. Het licht komt binnen en bedwelmt mij met schoonheid. Want ik ben een deur die altijd openstaat. Het licht komt binnen en bedwelmt mij met schoonheid. Duizend kleurrijke vogels komen binnen, en ik probeer hen te bewaren. De wind komt binnen en haalt neer wat gebouwd was. De gevreesde wolven komen binnen, en ik laat mij verslinden. Maar dan herinner ik mij dat ik slechts een deur ben: ik heb geen "binnenkant". Dat mijn schoonheid slechts weerspiegelt wat mij omringt. Dat ik de vogels niet werkelijk kan beschermen. Dat de wind allemaal even hard door elkaar schudt. Dat de wolven, zodra ze binnenkomen, alweer verdwijnen. Ik ben een open deur. Ik ben een open deur. Maar ik ben slechts een open deur. Ik ben een open deur. - 03
Duelo
Como cualquier atardecer, Salió a caminar. Tranquilo el pueblo, Sin sospechar. Perdido en sombras, Un cuerpo ajeno, Sintió cruzar. El aire se hizo espeso Susurros de hierro Rabia y miedo adentro Confusión de viento Noche de tormento Gritos rompen el silencio Pregunta sin voz ni cielo Herido el tiempo Sigue su duelo Sale el sol aunque más lento Duele pero queda aliento. La vida no busca entender, Bajo la herida renace la piel.Zoals elke avond valt, Hij ging naar buiten. Het dorp was stil, Zonder vermoeden. Verdwaald in schaduw, Een vreemd lichaam, Kruiste zijn pad. De lucht werd zwaar Fluister van ijzer Woede en angst vanbinnen Wind van verwarring Een nacht van pijn Kreten breken de stilte Een vraag Zonder stem of hemel De tijd gewond De rouw gaat door De zon komt op maar langzamer Het doet pijn maar er blijft adem. Het leven zoekt niet naar begrip, Onder de wond de huid herleeft. - 04
Hasta calmar el alma
Tienes preguntas que no tienen fin Y un mar de sueños por descubrir Has sido sombra, has sido luz En resistir no hay nadie como tú. Ahora de vuelta a casa Deja el mundo girar Hasta calmar el alma Da paso a lo que vendrá Traes el peso del cielo Déjalo reposar aquí Mañana sigues, Hoy descansa en mi Ahora de vuelta a casa Deja el mundo girar Hasta calmar el alma Da paso a lo que vendráJe draagt vragen zonder einde en een zee van dromen die nog wachten. Je bent schaduw geweest, je bent licht geweest en niemand weet vol te houden zoals jij. Nu je weer thuis bent, laat de wereld maar draaien, tot je ziel weer tot rust komt, en maak plaats voor wat komen zal. Je draagt het gewicht van de hemel, laat het hier even rusten. Morgen ga je weer verder, maar vandaag mag je in mij uitrusten. Nu je weer thuis bent, laat de wereld maar draaien, tot je ziel weer tot rust komt, en maak plaats voor wat komen zal. - 05
Luz y sal
Amanece en el mar Brisas de vida y sal Su vaivén recuerda al pasar Que todo vuelve a cambiar La historia viene y va, Con risas y pesar. Luz y sal. Lo nuestro fue luz y sal Nacer dulce, e intenso al andar Mareas, lluvias y sol Sin rumbo, siguiendo al corazón El viento quise atar Guardar tu risa en un cajón Pero el tiempo en su canción Al mar te devolvió. En la orilla me dejó Luz y sal. Amanece en el marDe dageraad stijgt boven zee Bries van leven en zout Haar golven fluisteren voorbij Dat alles weer verandert Verhalen komen en gaan, Met lachen en verdriet. Licht en zout. Wij waren licht en zout Zoet geboren, fel onderweg Getijden, regen en zon Zonder richting, het hart gevolgd Ik wilde de wind vastbinden Je lach in een lade bewaren Maar de tijd, in zijn lied, Gaf je terug aan de zee. En mij op de oever achterliet Licht en zout. De dageraad stijgt boven zee - 06
No te voy a odiar
Nuestra voz dividen con temor, Con mentiras, No nacimos para su destrucción, ni su ira. No son mi voz Ni su rabia es mi son. Hoy la historia re-escribo junto a ti. Yo no te voy a odiar Es mi destino, es mi verdad De Nerudas y Borges, de Hatfields y McCoys, Viejas disputas dondequiera que voy. Guerras civiles y santas sin final, siembran terror por una ambición brutal. No son mi voz, Ni siquiera es su dolor. Hoy la historia re-escribo junto a ti. Yo no te voy a odiar Es mi destino, es mi verdad En medio del clamor, De discursos sin razón, Busca la verdad, rompe el cristal, El mismo cuento, solo otra pelea más. Quizás la historia, Me desmienta al final, Pero este no es tu odio, No es tu mal. No eres tú, No eres tú, No eres tú, No.Ze splijten onze stemmen met angst, met leugens, maar nee— wij zijn niet geboren voor hun vernietiging, noch voor hun woede. Dat is niet mijn stem, en hun woede is niet mijn lied. Vandaag herschrijf ik de geschiedenis samen met jou. Ik zal je niet haten. Dat is mijn lot, dat is mijn waarheid. Van Neruda en Borges tot de Hatfields en McCoys, oude vetes volgen mij waar ik ook ga. Burgeroorlogen en heilige oorlogen zonder einde, zaaien terreur uit brute honger naar macht. Dat is niet mijn stem, zelfs hun pijn bepaalt mij niet. Vandaag herschrijf ik de geschiedenis samen met jou. Ik zal je niet haten. Dat is mijn lot, dat is mijn waarheid. Midden in het rumoer, tussen woorden zonder rede, zoek de waarheid, breek door het glas, hetzelfde verhaal, gewoon weer een nieuw gevecht. Misschien zal de geschiedenis mij uiteindelijk tegenspreken, maar dit is niet jouw haat, Niet jouw kwaad. Jij bent dit niet, Jij bent dit niet, Jij bent dit niet, nee. - 07
Paso
Una voz, una oración final. Un adiós, un "te amo papá". Tú me miras pensando en lo que vendrá. ¿Qué pasa cuando la vida se va? Tal vez se detiene el tiempo, Tal vez vuelve a empezar, Tal vez esta vida es un sueño, Del cual despiertas en paz. Y cuando despiertes con la nueva luz. Sin nombre ni el cuerpo que fuiste tú, Y en una memoria brote nuestra historia, Mírame, sonríe, sigo en ti. Este último río no se cruza a fuerza, Ni razón, ni sentidos nos pueden guiar. Deja fluir, sin mirar atrás El río sabe a dónde va.Een stem, een laatste gebed. Een afscheid, een "ik hou van je, papa". Je kijkt naar mij, denkend aan wat komt. Wat gebeurt er wanneer het leven vertrekt? Misschien staat de tijd stil, Misschien begint het opnieuw, Misschien is dit leven een droom, Waaruit je in vrede ontwaakt. En wanneer je ontwaakt in een nieuw licht. Zonder naam of lichaam dat je was, En in een herinnering bloeit ons verhaal, Kijk naar mij, glimlach, ik leef in jou. Deze laatste rivier steek je niet over met kracht, Noch rede noch zintuigen kunnen ons leiden. Laat het stromen, zonder om te kijken, De rivier weet waar ze gaat. - 08
Pimiento
Viejo pimiento, hoy vuelvo a visitarte Dicen que sabes tratar males de poetas. Con el corazón afuera nací, desde niño quiere más que latir. No quiere que yo le cuente del mundo, por sí mismo él lo quiere sentir. Viejo pimiento, mi refugio y mi lugar. Desnudo el corazón, todo lo atraviesa: Farol en tormentas, pero se quiebra con un mirar. Ama rápido, sin medida va. Encuentra belleza en lo sencillo. Pero en su sangre carga con penas ajenas, y se funde. Si a quedarse afuera insiste, En tu sombra déjalo latir. Viejo pimiento, fuiste el juego en mi infancia. Me cubro con tus hojas pa volver a nacer.Oude peperboom, vandaag kom ik je weer bezoeken, Men zegt dat jij weet hoe je dichterswonden heelt. Ik werd geboren met mijn hart naar buiten, al van jongs af wil het meer dan kloppen. Het wil niet dat ik het over de wereld vertel, het wil het zelf voelen. Oude peperboom, mijn toevlucht, mijn plek. Het hart ontbloot, alles gaat erdoorheen: Een lantaarn in stormen, maar één blik kan het breken. Het houdt snel lief, zonder maat gaat het. Het vindt schoonheid in het eenvoudige. Maar in zijn bloed draagt het andermans verdriet, en lost daarin op. Als het buiten wil blijven, laat het kloppen in jouw schaduw. Oude peperboom, je was het spel van mijn jeugd. Ik hul me in je bladeren om opnieuw geboren te worden. - 09
Tragedia de Cerdo Asado
Me acuestan en la cama de plata brillante. Me ungen con hierbas, manteca, ajo y sal. Mi piel como cristal, El chef me admira como arte. "Una delicia serás", suspira, mientras yo pienso en mi charco natal. Soy la estrella de un festín infernal. Me alzan en brazos como al rey de Roma. Una manzana en mi boca, para que luzca feliz. Deslizan mi cuerpo, hacia el fuego ardiente. El aire me envuelve de humo y calor, y yo canto con horror. Soy la estrella de un festín mortal. ¡Qué honor divino! Menú infernal! Yo entre las brasas sonrío al destino. Oh, Un corte de luz, ¡Bendita sorpresa! La cocina revuelta y la puerta del horno, que quedó medio abierta. ¡Qué suerte divina! ¡Me voy a escapar! Salto ya del horno, listo pa' volar. Al bosque me voy, crujiente y triunfante. Respiro libre, siento la brisa, me fui del infierno, dejé las cenizas. Pero en la sombra colmillos de plata, un lobo espera, la suerte me mata. Soy la estrella de un festín mortal. ¡Qué honor divino! Menú infernal! Desde las entrañas sonrío al destino.Ze leggen mij neer op het bed van blinkend zilver. Ze zalven mij met kruiden, met vet, knoflook en zout. Mijn huid blinkt als kristal, de chef bewondert mij alsof ik kunst ben. "Wat een lekkernij zul jij zijn," zucht hij, terwijl ik denk aan mijn vertrouwde modderplas. Ik ben de ster van een hels festijn. Ze tillen mij op in hun armen als een koning van Rome. Een appel in mijn mond, zodat ik er gelukkig uitzie. Ze schuiven mijn lichaam naar het vurige vuur. De lucht omhult mij met rook en hitte, en ik zing van pure horror. Ik ben de ster van een dodelijk festijn. Wat een goddelijke eer! Wat een hels menu! Tussen de sintels glimlach ik naar het lot. Oh, een stroomuitval, gezegende verrassing! De keuken in de war en de deur van de oven, die halfopen bleef staan. Wat een hemels geluk! Ik ga ervandoor! Ik spring uit de oven, klaar om te vliegen. Het bos in ga ik, knapperig en triomfantelijk. Ik adem vrij, ik voel de bries, ik ben de hel ontvlucht, ik liet de as achter. Maar in de schaduw zilveren tanden, een wolf wacht, en het lot slaat toe. Ik ben de ster van een dodelijk festijn. Wat een goddelijke eer! Wat een hels menu! Vanuit de ingewanden glimlach ik naar het lot. - 10
Vidas
Cielo gris en nuestro hogar, Tú ya en el mar. Polvo el cuerpo, Nunca sabrá. Que tú historias serás. Que tú en cuentos vendrás.Een grijze hemel boven ons huis, jij al in de zee. Het lichaam wordt stof, het zal het nooit weten. dat jij verhalen zult worden. dat jij terugkomt in vertellingen.

